Grote_Afbeelding_KeesStet2Grote_Afbeelding_KeesStet1


Rene Steens vormde jarenlang een komisch duo met Kees Stet jr. (Piet Kroon), zoon van de eveneens bekende Kees Stet sr. (1900-1979). Hij was de grote inspirator van het duo. Daarom informeer ik u hierbij graag over hem.

Over Kees Stet
Wiens echte naam Pieter Kroon was – werd op 9 juni 1900 aan de Middenweg te Heerhugowaard geboren. Hij was het vierde kind van de landbouwer/veehouder Jacob Kroon en Antje Stuy. In 1905 verhuisde de familie naar een boerderij in de Egmondermeer in de gemeente Heiloo. Vier jaar later volgde een verhuizing naar Winkel. Daar aan de voet van de Westfriese Omringdijk bracht Kees Stet zijn jeugd door. Zijn vader was er kastelein. Hij combineerde dit beroep met een baan als conducteur op de stoomtram Wognum-Schagen.

Twaalf ambachten, dertien ongelukken
Zoals het een aankomend artiest betaamt was de carrière van Kees Stet er een van twaalf ambachten, dertien ongelukken. Zijn ouders bepaalden dat hun zoon bakker moest worden. Hij leerde het vak bij een oom in de Langedijk en werkte als bakkersknecht bij brood- en banketbakkerij Valk aan de Houttil in Alkmaar. De jonge Stet vond het maar een “zuinig” vak. Hij verkoos een administratieve loopbaan. In het begin van de jaren twintig trad hij als administratief medewerker in dienst bij het Hoogheemraadschap Noordhollands Noorderkwartier waar hij tot aan zijn pensionering zou werken.

Levensliedjes en voordrachten
De semi-professionele Kees Stet begon zijn artistieke carrière op 17-jarige leeftijd als zanger van levensliedjes. Hij vulde zijn repertoire aan met originele voordrachten in het hem vertrouwde Westfriese dialect. Zo ontwikkelde zich de theaterfiguur ‘Kees Stet, het boertje uit Ierswoud’.

Hij verscheen als een enigszins ouwelijk uitziende man ten tonele met een zwart boerenpetje, een ziekenfondsbrilletje en met een rode zakdoek om de nek. In die uitdossing onderhield het publiek met grappige vertellingen over alledaagse gebeurtenissen in onvervalst Westfries.

Zijn verschijning op de bühne paste geheel in de ietwat oubollige tijd van voor de oorlog waarin toneelverenigingen en revuegezelschappen triomfen vierden. Het was de tijd dat het radiotoestel de huiskamers veroverde en het luisterpubliek massaal afstemde op populaire amusementsprogramma’s als de Bonte Dinsdagavondtrein (“puft uw zorgen aan de kant”), de hoorspelen en de spelletjes in hersengymnastiek.

Landelijke doorbraak
In de periode na de Tweede Wereldoorlog brak Kees Stet ook landelijk door. Hij beschikte over een ijzersterk repertoire. Overal in het land stonden Stet en zijn Alkmaarse Kleinkunst Ensemble op de planken. Soms trad hij op met een andere Alkmaarse artiest: André Carrell – de vader van Rudi – die als Willem Wouters van Wognum furore maakte. In de Bonte Dinsdagavondtrein was Kees Stet een graag geziene gast.

Weddenschap
Het artiestenbestaan veroorzaakte meer dan eens irritatie bij zijn werkgever maar gaf tevens aanleiding tot hilarische taferelen.

In een jubileumuitgave van het Hoogheemraadschap wordt de Westfriese cabaretier als een balorig man neergezet. Zo sloot Stet op een keer een weddenschap met een aantal collega’s.

“Ik zie kans”, zei Stet, “om twee sigaren van collega Half te krijgen”. Niemand geloofde dat dat hem zou lukken. Half had nog nooit één sigaar weggegeven – daar was hij veel te zuinig voor. Toen zijn collega Half arriveerde stapte Stet op hem af: “Half, ik wil even twee sigaren van je lenen. Je krijgt ze gegarandeerd weer terug.” Na enige aarzeling overhandigde Half zijn dagelijkse rantsoen.

Kees Stet draaide één sigaar in het ene neusgat en één in het andere, boog zich voorover, stak een arm naar voren, legde de andere op zijn rug en riep: “Kijk, Half, zo doe je nou een olifant na.” Stoïcijns haalde Stet de sigaren uit zijn neus, wilde ze aan Half teruggeven, maar die had er geen trek meer in. Zo won Kees Stet zijn weddenschap.

Jaren 50 en 60
De jaren vijftig en zestig waren jaren van wederopbouw, welvaart en onrust. De onweerstaanbare opmars van de televisie ging ten koste van het bioscoop- en theaterbezoek. Voor veel amusementsverenigingen viel in de jaren zeventig het doek. Zo ook voor Kees Stet en zijn befaamde ensemble.

Kees Stet jr.
Kees Stet overleed op 3 september 1979 op 79-jarige leeftijd in het Centraal Ziekenhuis in Alkmaar. Zijn zoon Piet Kroon trad in de voetsporen van zijn vader onder de naam Kees Stet jr.

Na eerst jaren met Nico Akkerman te hebben gewerkt ging Jr. verder met Rene Steens en werkten zij samen met beroemde pianisten als Jan van Twuyver en Fred Pruim (Frec McMurray van the Dutch Swing College Band) in het Holland Zuyderzee Cabaret.